Over ons

Wij zijn Herma Pellink en Don Bethume. In 2007 verloren wij onze partners en hebben hierdoor ervaren dat je het verwerken van je verdriet niet altijd met je directe omgeving kan delen. Je verdriet delen met lotgenoten, er over praten, ervaringen uitwisselen, worden vaak sneller begrepen.

Wat willen wij

Activiteiten agenda

Links & Portals

Tagwolk

Archieven

Categorieën

Zoek!

Last Comments

Liesel (Mijn verhaal….):
Paula Ras (Weduwe):
Annemarie (Weduwe):
Maaike (Weduwe):
Do (Weduwe):
Rita (Weduwe):

« Mijn lieve man Hans o… | Home | Mijn man 6 weken gele… »

Veertig jaar samen…..

Woensdag 29 Oktober 2014 at 12:22 am. Gebruikte Tags:

Veertig jaar waren we samen, waarvan 36 jaar getrouwd. Wat is er dan mooier dat te vieren met je kinderen en kleinkind?

We huurden een mooi groot huis, inclusief zwembad, in Toscane, om daar met elkaar een mooie week door te brengen en te genieten van elkaar, het goddelijke landschap, de zon, Florence en de prachtige dorpjes in de omgeving. Drie dagen duurde het. Aan het eind van, wat later bleek, onze laatste dag samen zeiden mijn man en ik tegen elkaar: ‘deze dag neemt niemand ons meer af’. De volgende dag was nog maar amper op gang gekomen toen zijn hart stilstond, voorgoed, en mijn hart bevroor. Amper 64 was hij, vijf maanden met VUT, ik al iets langer, mijn schoonouders waren nog maar net overleden en begraven. Die eerste maanden van 2013 waren ronduit een feest. We zaten nog in de fase van verbazing: dat we zomaar midden een in de week een wandeling konden maken, naar een museum konden gaan, de kinderen konden helpen met klussen. En dat we toch ons geld elke maand op de rekening kregen zonder er iets meer voor te hoeven doen. Wat een luxe! Onze ouwe trouwe camperbus zouden we verkopen, een nieuwe bestelbus was al gekocht om geheel naar eigen idee in te laten richten als onze nieuwe camper. De tijd van de genietende pensionado’s was aangebroken. Nu ben ik bijna anderhalf jaar verder. Alle memorabele data zijn al eens gepasseerd. De rauwe rouw is wat gesleten. Zijn kleren en schoenen hebben een goede bestemming gekregen, de administratie en financiën zijn op orde, het huis is geschilderd en voor de buitenwereld is het gewoon geworden. ‘Het tweede jaar is erger dan het eerste’ hoorde ik direct al van lotgenoten. ‘Leuk om te weten, goed vooruitzicht,’ dacht ik. En nu zit ik in dat tweede jaar. Is het erger? Is het erger dan door ziekte je man verliezen, zoals sommigen beweerden? ‘Je hebt immers geen afscheid kunnen nemen’, zeiden ze. Tsja, het resultaat is hetzelfde. Erg, erger, ergst bestaat niet. Maar hoe ik dit abrupte einde moest hanteren van de man die ik zo innig lief had en nog heb, daar bestond geen handleiding voor. ‘Ik weet helemaal niet of ik wel alleen kàn zijn’, zei ik vlak na zijn overlijden tegen een vriendin.  Van buik tot strot zat er een gat in m’n lijf, gevuld met bakstenen. Vanaf het begin was het me wel heel duidelijk dat ik niet op de bank moest blijven sjampen, zoals ik dat noemde. Doorgaan, doorgaan, dat was wat ik moest, wilde ik niet kopje onder gaan. Het verdriet van mijn kinderen te zien, waarvan één ook nog in een hectische overgangsperiode zat, was hartverscheurend. Brullen ‘Waar ben je nou?’, veelvuldige flash backs van waren we samen geweest waren, me afvragen of ik dit of dat wel kon doen of hoe hij iets gevonden zou hebben. Een fietsend echtpaar van onze leeftijd of zelfs veel ouder, kan ik tot op de dag van vandaag moeilijk aanzien. Dan kijk ik naar zo’n man met grijs haar en denk ik cynisch ‘je kan zo doodvallen hoor..’. Natuurlijk misgun ik anderen hun geluk niet, maar het is zo schrijnend, zo bitter. Velen reageerden door op te merken dat het wel heel zuur is, zo jong het leven te verliezen en zo snel na het afscheid van zijn werk. Zuur? Nee, bitter is het, onvoorstelbaar bitter. Dat was en is belangrijk voor me: zo exact mogelijk in de juiste bewoordingen te omschrijven wat ik voel en voelde. Alles is zo volstrekt anders, de taal moet mij houvast bieden. In deze regels lopen heden en verleden tijd door elkaar merk ik, en zo voelt het ook. Leef ik in het verleden, moet ik me niet meer richten op de toekomst? Maar hoe geef ik mijn dagen dan inhoud, zeker nu de kinderen allang de deur uit zijn, ik geen baan meer heb en dus de hele dag thuis ben? Nee, ik doe al veel vrijwilligerswerk, ik sport, pas op mijn kleinkind en heb een prima sociaal netwerk van vrienden en buren. Maar op sommige dagen kom ik de deur niet uit, ook al schijnt de zon. Dan is alles grauw. Ik moet het dan uit mijn tenen halen om weer de energie op te brengen en in actie te komen. Wat ik me afvraag is of, en zo ja wanneer, er een moment komt waarin ik het gevoelsmatig heb geaccepteerd dat aan ons gezamenlijke leven een einde is gekomen. Of ik als eenling, zonder mijn man aan mijn zijde, ook een bevredigend bestaan kan leiden. Zo gelukkig als ik was, wordt het nooit meer. Ik richt me daarom maar op wat er wèl is. In die zin kan ik mezelf gelukkig prijzen. Geen financiële zorgen, fijne kinderen, een plezierige buurt en genoeg vrienden waar ik terecht kan. En last but not least, ik kan terugkijken op een gelukkig huwelijk met een geweldige man. Ook al voelt het soms anders, ik wil er zijn en doorgaan voor mijn kinderen en kleinkind. Dat is de opdracht aan mezelf.

Karin

Eén reactie

Johanna - 30-09-’15 21:49




(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om geautomatiseerde spam in "reacties" te voorkomen, moet je deze simpele vraag beantwoorden.

Reactiemoderatie staat aan op deze site. Dit betekent dat je reactie niet zichtbaar zal zijn, tot deze is goedgekeurd door een beheerder.

Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.